Ons eigen kerstverhaal

Verder na de kerst en het kerstverhaal – ons eigen kerstverhaal

Het is de zesde kerstdag. Na de Tweede Kerstdag gaan we verder met het kerstevangelie. Kerst is niet alleen de twee dagen die we vieren, maar het is de komst van Jezus, die ook ons leven en de wereld  voorgoed verandert. Het kerstverhaal moet werkelijkheid worden in een echte wereld door echte mensen. We hoeven niet te wachten tot 25 december 2013.

Kerstmis is de viering van de vervulling van een verwachting, van hoop van het volk Israel op redding. Het is de verwachting en de hoop dat de wereld weer wordt zoals God die bedoeld heeft op basis van godspraken, die God ons gaf door profeten.

Aan de viering van kerstmis gingen vier weken van de advent vooraf. Vier weken waarin de oeroude profetengeschriften centraal stonden, van Jesaja, Jeremia, Amos, Micha, Hosea. Het zijn religieuze genieen die het joodse geloof de vorm gaven die het nog steeds in de kern heeft. Ze spraken namens de Allerhoogste Zelf. De God van Israel, die de God is van alle volken, wil geen offers. Geen mooie rituelen. Geen wierook. Geen basilieken en kathedralen. Hij wil in de eerste plaats rechtvaardigheid. Hij wil dat we naar elkaar omzien.

De God van Israel heeft iets met rechtvaardigheid, met vrede, met liefde, met trouw, met oprechtheid. Het maakt deel uit van zijn wezen. Jesaja verkondigt:

Hij deed mij het kleed van de bevrijding aan,
hulde mij in de mantel van de gerechtigheid,

en 11 Zoals de aarde haar gewassen voortbrengt,
zoals een tuin het gezaaide laat ontkiemen,
zo laat God, de HEER, gerechtigheid ontkiemen
en glorie voor het oog van alle volken.

Die God is dus niet de God die voor ons strijdt omdat wij vechten en doden voor zijn goede zaak. Hij is niet de strijdgod, die voor onze legers uittrekt om voor ons onze vijanden, die zo vinden wij, ook zijn vijanden zijn, te vernietigen.

Die God wil het omgekeerde, hoe moeilijk dat ook is: Heb je vijanden lief. Deel wat je hebt. Denk aan degenen die in nood zijn.

In het kerstverhaal, zoals de evangelist Lucas ons dat meedeelt, komt het allemaal terug.

1. Het kerstverhaal

We lazen in het Lucasevangelie het verhaal van de opdracht van Jezus in de tempel en de ontmoeting met de profeet Simeon en de profetes Hanna. Het verhaal volgt direct op het verhaal van de geboorte van Jezus.  Lucas begint zijn vehraal over het leven van Jezus verrassenderwijs met een opsomming van de machthebbers van zijn tijd. Die worden bij naam genoemd. Keizer Augustus, het machtige Romeinse Rijk, Herodes, koning van Palestina en Quirinius, de landvoogd van Syrie. Ze hadden de macht over leven en dood leven en dood met een streek van hun pen.  Maar de machthebbers van toen spelen verder in het kerstevangelie geen rol meer. Het verhaal gaat over een dakloze man en vrouw. De vrouw is hoogzwanger. Er zijn herders. Er is sprake van engelengezang en in de nacht van de geboorte van een kind.

Kerstmis is het verhaal van de geboorte van een kind. Kleiner, machtelozer, afhankelijker dan een pasgeboren baby kun je niet zijn. Maar elke keer wanneer er een babytje geboren wordt lijkt het voor de ouders en voor de familie alsof er een wonder is gebeurd. Er is hoop en verwachting. We zien dat het babytje zelf ook vol liefde en vertrouwen kijkt naar de mensen om hem heen.

Met kerst viert de wereld de geboorte van hem die bij uitstek hoop geeft, die van de hoop een prototype is.

2. Simeon

Na de herders komt als eerste Simeon in aanraking met Jezus. Simeon staat beschreven als iemand die zijn hele leven de hoop van de profeten levend heeft gehouden. Zijn verwachting op de komst van de messsias was en bleef concreet. Het was niet iets voor een verre toekomst. Nee, het zou in zijn leven plaats vinden. Hij ziet Jezus in de tempel in de armen van Maria. Hij reageert direct en spreekt van  de vervulling van zijn hoop:

“Ik heb Uw heil gezien,
Mijn ogen hebben Uw heil gezien,
de redding door u,
Voor alle volken,
Een licht over de heidenen,
Een glorie voor het volk Israel.”

Wat hij zag was een babytje in de armen van zijn moeder.

Maar in de zwakte, de nederigheid en de kleinheid zag hij de grootsheid van Gods redding. Het kind zal, zo profeteert Simeon, voor velen tot een val zijn en voor velen een opstanding.

Voor Simeon was het voldoende om Jezus even in zijn armen te hebben gehad. Hij voelde dat hij nu in vrede deze wereld kon verlaten.

3. Moderne kerstverhalen

De Advent betekent de verwachting. Met de komst van het kerstkind is er de vervulling van die verwachting. Na de tweede kerstdag gaan we verder met ons leven. Het kerstevangelie moet dan handen en voeten krijgen. Het verhaal moet incarneren. Het kerstkind moet in ons en in ons leven geboren worden. Ik geef twee moderne voorbeelden.

Lucia Iraci heeft een kapsalon en schoonheidssalon, in Saint-Germain-des-Pres, de duurste wijk van Parijs. Op maandag is de zaak gesloten. Zes jaar geleden besloot ze op maandagen haar zaak open te stellen voor arme, werkloze en zelfs dakloze vrouwen. Ze hoefden maar een klein bedrag te betalen: Euro 3 voor het kappen en Euro 1 voor de schoonheidsbehandeling. Het sloeg enorm aan. Lucia heeft een tweede salon geopend, Salon Josephine, in Paris Barbès Rochechouart, een arme wijk van Parijs. Deze is de hele week open. Ze krijgt sinds kort ook steun van bekende bedrijven die haar helpen dit werk te doen. Het project geeft een gevoel van eigenwaarde en zelfvertrouwen aan vrouwen die door de samenleving zijn afgeschreven. Lucia zegt dat deze vrouwen het ook verdienen om mooi te zijn. De dienstverlening is uitgebreid met praktische adviezen op medisch, psychologisch en praktisch gebied. De vrouwen krijgen hulp bij sollicitaties. Er zijn nu 50 vrijwilligers werkzaam in de Salon Josephine. Er is een tweede Salon Josephine opgericht in de stad Tours.

Een tweede kerstverhaal

Anderhalve week geleden was Joseph Oubelkas in Maastricht voor de promotie van zijn boek. Hij werd in december 2004 op een zakenreis in Marokko opgepakt op beschuldiging van drugshandel en werd zonder bewijs tot tien jaar celstraf veroordeeld. Het kwam voor hem totaal onverwacht. Hij kwam terecht in ene cel met 60 misdadigers. Er was veel geweld onderling. Ze moesten slapen, zo zei hij, als lepeltjes. Er was onvoldoende plaats. Een gat in de grond was het toilet, maar daar sliepen ook mensen overheen. Hij heeft zijn ervaringen  opgetekend in een boek met de titel 400 Brieven van mijn Moeder. Het boek is een ode aan zijn moeder, die hem met haar brieven moed insprak en die hem door haar positieve houding door 1.637 dagen gevangenschap sleepte. Ze schreef: “Blijf jezelf. Houd je verre van ruzie. Vezorg jezelf goed. Bewaar je gevoel van eigenwaarde.” Jospeh zei: “Zij heeft me geleerd me te concentreren op kleine positieve dingen. Dan schreef ze bijvoorbeeld hoe geweldig mooi de luchten waren in Raamsdonksveer, waar Joseph opgroeide, over wolkenpartijen boven het vlakke land. Dat ik moest proberen tot rust te komen voor het slapen gaan en met mijn ogen dicht moest denken aan de dingen die ik zou doen wanneer ik weer thuis zou zijn. Medemenselijkheid loont, vindt Joseph: “De muur die mensen uit zelfbescherming om zich heen bouwen, wordt dan soms afgebroken.” “Mijn kind, je laat een spoor achter van moed, levensvreugde, onschuld en goedheid…” schreef zijn moeder. Hij leerde zijn medegevangenen hun tijd in de gevangenis nuttig te besteden door hen lessen Engels en Frans te geven, terwijl hij zelf van hen Marokkaans leerde. Hij bleef fit door samen met zijn celgenoten lichaamsoefeningen te gaan doen. Het boek werd een bestseller. Hij zegt: “Iedereen maakt in zijn leven wel iets heftigs mee. Iedereen kan daar bovenuit groeien. Ik ben maar een normale jongen. Als ik het kan kunnen anderen het ook.”

Die anderen zijn er. Er zijn duizenden mensen, die hun eigen kerstverhalen van hoop en liefde schrijven.  De vrijwilligers van de Zonnebloem helpen mensen met een lichamelijke beperking of die langdurig ziek zijn om betrokken te blijven bij de samenleving met een luisterend oor en persoonlijke aandacht. Anderen werken voor het Rode Kruis, in een hospice, een Toon Hermanshuis, voor de Voedselbank, het Repair Cafe, voor Amnesty International of in sportverenigingen.

Als dit soort kerstverhalen er niet meer zouden zijn dan kunnen we ook maar beter helemaal geen kerstmis meer gaan vieren. Dan leggen we ons neer bij de macht van het kwade.

De boodschap van het kerstkind is dat het goede het kwade overwint. Het christuskind in de kribbe in de stal buiten de stad Bethlehem blijkt machtiger en sterker, juist door zijn zwakte en hulpeloosheid, dan de machthebbers van zijn tijd, van keizer Augustus tot koning Herodes in hun prachtige paleizen.

3. Hoop tegen beter weten in

Kerstmis is niet een feest van mooie praatjes over vrede op aarde. Het is geloven in mensen, die de moed hebben om zelf hun eigen kerstverhalen te maken.

Het zijn tekenen van licht in de duisternis.

De geboorte van een kindje in een stal, een ongehuwde moeder, een hoopje herders erbij meer dan 2000 jaar geleden. Het is eigenlijk niets bijzonders.

Aandacht voor werkloze arme afgeschreven vrouwen in Parijs. Hen hoop geven: jullie mogen ook mooi zijn.

Zin geven aan het leven van gevangenen in een Marokkaanse gevangenis.

Hoop op liefde in een wereld vol egoisme en haat.

Geloven in kerstverhalen.

In mensen.

Geloven in uw eigen kerstverhaal.

AMEN

Leave a Reply

Your email address will not be published.